<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<rss version="2.0" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
	<channel>
		                    <atom:link href="http://www.copla.nl/rss.php" rel="self" type="application/rss+xml" />
                
		<title>Nieuwsberichten - Copla</title>
		<link>http://www.copla.nl/</link>
		<description>Copla -  Alle berichten</description>
                        <item>
                            <title>Modelbrandbeveiligingsverordening is gewijzigd</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/modelbrandbeveiligingsverordening-is-gewijzigd/</link>
                            <description>De modelbrandbeveiligingsverordening is aangepast aan het 
Bouwbesluit 2012
, dat per 1 april 2012 in werking treedt. Deze wijzigingsverordening is per ledenbrief aan de gemeenten verzonden.

Met het in werking treden van het Bouwbesluit vervalt het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Gebruiksbesluit). Dit maakt een aanpassing van de modelbrandbeveiligingsverordening noodzakelijk.

Alle gemeenten zijn op grond van de Wet veiligheidsregio’s nog steeds verplicht een brandbeveiligingsverordening vast te stellen. 

AMvB
 
De Wet veiligheidsregio’s kondigt een AMvB aan, die het brandveilig gebruik gaat regelen voor &#039;mensen toegankelijke ruimten, niet zijnde bouwwerken&#039;. Deze AMvB treedt op z’n vroegst medio 2012 in werking en neemt straks de plaats in van de brandbeveiligingsverordening.

Meer informatie

Ledenbrief Gewijzigd model brandbeveiligingsverordening 
(16 februari 2011)

Kleine aanpassing modelbrandbeveiligingsverordening

Per abuis is de verwijzing in artikel 7 van de modelbrandbeveiligings-verordening 2012 niet aangepast. Artikel 8, tweede lid, onder b Woningwet komt namellijk per 1 april 2012 te vervallen. De verwijzing moet zijn: artikel 1.1, eerste lid van het Bouwbesluit 2012 (Stb. 2011, 416 en 676)

Bron: 
VNG-dossier Bouwregelgeving</description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Beperken en voorkomen arbeidsrisico’s zzp’ers</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/beperken-en-voorkomen-arbeidsrisicos-zzpers/</link>
                            <description>In de toekomst zal hetzelfde beschermingsniveau gaan gelden voor zelfstandigen om veilig en gezond te kunnen werken als het niveau dat reeds geldt voor werknemers op die arbeidsplaatsen, waar beiden werken. Zo zullen bijvoorbeeld op de bouwplaats de te nemen maatregelen om de lichamelijke belasting te verminderen voor zzp’ers en werknemers gelijk worden. Dit leidt er ook toe dat, waar er concrete normen in arbocatalogi zijn vastgelegd, deze als referentiekader gebruikt worden in het toezicht op zzp’ers.
Het gelijkstellen van de te nemen beheersmaatregelen zal de bereidheid om de Arbowetgeving na te leven vergroten en de handhaving vereenvoudigen.

Achtergrond van dit besluit van het kabinet vormt het advies van de Sociaal-Economische Raad (SER) over zelfstandigen en arbeidsomstandigheden. Dit blijkt uit de reactie van kabinet op het advies van de SER over zelfstandigen en arbeidsomstandigheden die staatssecretaris De Krom van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Documenten en publicaties

Kamerbrief over SER-advies &#039;Zelfstandigen en arbeidsomstandigheden&#039;


Bron: 
Rijksoverheid

 </description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Werknemers beter beschermen bij aanbesteding</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/werknemers-beter-beschermen-bij-aanbesteding/</link>
                            <description>De Tweede Kamer moet de belangen van werknemers bij aanbestedingen beter beschermen. De FNV dringt er bij de Kamer op aan donderdag 9 februari jl. voor vier amendementen van PvdA en SP te stemmen.

Zo moet in de aanbestedingswet worden voorkomen dat aanbesteden door overheden leidt tot concurrentie ten koste van lonen en arbeidsomstandigheden.

Een ander amendement zorgt voor meer rechtszekerheid (en daarmee arbeidszekerheid) bij overgang van onderneming.

Ten slotte zouden onderaannemers onder dezelfde voorwaarden moeten werken als de hoofdaannemer.

Respect en bescherming

Vice- voorzitter Peter Gortzak van de FNV Vakcentrale: ‘Of het nu gaat om schoonmakers of thuiszorgmedewerkers, werknemers mogen niet de dupe worden van aanbestedingen. Ze verdienen respect en bescherming’.

Brief aanbestedingswet 8 feb 2012 


Bron: 
FNV


Belangrijkste wijzigingen

PIANOo
heeft een overzicht gemaakt van de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de huidige regels die gelden voor het plaatsen van overheidsopdrachten. Op de website vindt u het overzicht.

Wetsvoorstel aangenomen in Tweede Kamer

Het wetsvoorstel Aanbestedingswet is op 14 februari 2012 aangenomen door de Tweede Kamer. Alleen de fracties van de SP en de PvdD stemden tegen. Het wetsvoorstel is op dezelfde dag aangeboden aan de Eerste Kamer.
Op de website
vindt u het integrale wetsvoorstel waarin alle in de Tweede Kamer aangenomen amendementen zijn opgenomen. Dit document wordt binnenkort vervangen door het officiële Eerst Kamerstuk.

Bron: 
PIANOo</description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Vliegveiligheid vertalen naar arboveiligheid</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/vliegveiligheid-vertalen-naar-arboveiligheid/</link>
                            <description>De luchtvaart heeft de afgelopen 35 jaar grote vooruitgang geboekt in het vergroten van de veiligheid. Andere sectoren beginnen nu de vruchten te plukken van dit pionierswerk.

Ter verbetering van de vliegveiligheid werden in de jaren tachtig concepten ontwikkeld om teamwerk te verbeteren. Deze aanpak werd bekend onder de naam Crew Resource Management (CRM). Uit onderzoek was gebleken dat veel ongelukken ontstonden doordat vliegpersoneel zich onvoldoende bewust was van het bestaan van gevaarlijke situaties en daarnaast onvoldoende communiceerde. CRM is erop gericht een zo reëel en compleet mogelijk beeld van de actuele situatie te hebben. Dit wordt in de luchtvaart 
situational awareness 
genoemd. Hiervoor zal de vliegtuigbemanning goed als team moeten kunnen functioneren. 


Team Resource Management

Ook in andere sectoren zoals de gezondheidszorg blijkt het goed functioneren van een team van cruciaal belang. Onder de naam van Team Resource Management (TRM) vinden procedures uit het CRM inmiddels ingang in de gezondheidszorg. Het Oogziekenhuis Rotterdam heeft met luchtvaartdeskundigen een programma ontwikkeld dat is gebaseerd op het CRM-programma in de luchtvaart. Het heeft vijf elementen:

1. Invoeren van op TRM gebaseerde SOPs;
2. Veiligheidsaudits;
3. Kennisoverdracht met behulp van klassikale TRM-trainingen;
4. Simulatietrainingen met het team;
5. Videofeedback voor uitvoering van de zorg.

Het programma draagt bij aan een reëler risicobewustzijn en een grotere bereidheid anderen te raadplegen.


Vergelijkbare sectoren

Ook in andere situaties waar onder hoge druk besluiten worden genomen met  potentieel grote gevolgen wordt CRM steeds meer toegepast. Bijvoorbeeld bij Defensie en gemeentelijke crisisteams. Ook in de chemische en procesindustrie vindt
CRM ingang.

Uiteindelijk moet het inzetten van effectief functionerende teams een extra vangnet vormen  bij het bewaken van veiligheid.

Auteurs: Fred Bleeker en Dirk de Knecht

Bron: 
arboonline

 </description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Klein bedrijf doet na ongeval te weinig aan veiligheid</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/klein-bedrijf-doet-na-ongeval-te-weinig-aan-veiligheid/</link>
                            <description>Veel kleine bedrijven nemen na een arbeidsongeval te weinig maatregelen om de veiligheid en gezondheid van hun medewerkers te verbeteren. Dat blijkt uit controles bij kleine bedrijven in verschillende sectoren door de Inspectie SZW (voorheen de Arbeidsinspectie).

De Inspectie bezocht vorig jaar 438 bedrijven met minder dan vijftig werknemers waar in de periode daarvoor één of meer arbeidsongevallen plaatsvonden. Ongeveer 190 van deze bedrijven, zo’n 45 procent, hielden zich ook nu nog niet aan de regels voor gezond en veilig werken. Vaak was de veiligheid op de plek van het ongeluk wel verbeterd, maar was de situatie op andere locaties in het bedrijf nog niet op orde. De controles vonden plaats in verschillende bedrijfstakken binnen de industrie, bouw, handel en dienstverlening.

Een kwart van de ruim vierhonderd overtredingen had te maken met de 
veiligheid van machines
. Ook hadden veel bedrijven, hoewel ze eerder met een ongeval te maken hadden, verzuimd de risico’s voor medewerkers goed in kaart te brengen.

Verder werden medewerkers te weinig voorgelicht over veilig werken en bleek ook het toezicht vaak niet goed geregeld Dit speelt met name als jongeren of tijdelijke invalkrachten in een bedrijf werken. Zij krijgen dan ook vaker met een ongeval te maken. Veel kleine bedrijven zeggen verder te weinig kennis te hebben van de regels. Ook denken ze vaak dat goede veiligheidsmaatregelen duur zijn en dat een arbeidsongeval een kwestie is van eenmalige pech.

De Inspectie bespreekt de resultaten van deze controles met sociale partners en vertegenwoordigers van kleine bedrijven. In de sectoren waar veel ongevallen plaatsvinden, zoals de metaal, de op- en overslag en de bouw, blijft de Inspectie de komende jaren, ook bij kleine bedrijven, controleren.

In de Inspectie SZW zijn begin dit jaar drie diensten opgegaan: de Arbeidsinspectie, de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst en de Inspectie Werk en Inkomen. De nieuwe organisatie streeft naar veilige en gezonde werkplekken voor werknemers. Ook spoort zij uitbuiting, mensensmokkel en illegale arbeid op. Door de bundeling van de drie organisaties worden misstanden op het gebied van sociale zaken en werkgelegenheid slimmer en beter aangepakt. Via een brede risico-analyse zijn mensen in te zetten waar ze het hardst nodig zijn.

Naar inspectierapport Ongevallen 


Bron: 
Inspectie SZW</description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Wisselende reacties op conclusies Chemie-Pack</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/wisselende-reacties-op-conclusies-chemie-pack/</link>
                            <description>Minister Ivo Opstelten (Veiligheid) laat eerder bekijken hoe het gaat met de 25 veiligheidsregio&#039;s. Hij stelt daarvoor een commissie in die na de zomer met aanbevelingen komt. Opstelten reageerde donderdag 9 februari op het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over de brand bij Chemie-Pack in Moerdijk.

De onderzoeksraad stelde vast dat de twee betrokken veiligheidsregio&#039;s niet op een lijn zaten met de aanpak van de brand. Minder veiligheidsregio&#039;s zou de kans op miscommunicatie verkleinen. Maar Opstelten wil daar nu niet aan. De veiligheidsregio&#039;s zijn er nog niet zo lang en Opstelten vindt dat ze een &#039;faire kans moeten krijgen&#039;.

Opstelten erkende wel dat er iets te verbeteren valt in de aanpak van de crises. Dan gaat het erom dat betrokken partijen elk hun eigen rol blijven spelen. De raad concludeerde dat op nationaal niveau regie achterwege bleef.

Wisselende reacties

De belangrijkste aanbeveling in het 
rapport van de onderzoeksraad 
gaat over de crisiscommunicatie. Doordat meerdere overheden daarover communiceren was er veel onjuiste informatie waardoor er een beeld onstond van een falende overheid. Het functioneren van de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant moet nog eens goed geëvalueerd worden.

Van der Velden

Burgemeester Van der Velden van Breda onderschrijft de conclusies van de onderzoeksraad over de brand bij Chemie-Pack volledig. Hij was ten tijde van de brand plaatsvervangend voorzitter van de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. &quot;Laat duidelijk zijn dat we die conclusie helaas moeten delen. Er was een spanning tussen de snelheid van de informatievoorziening en de roep om zorgvuldigheid. Ook de impact van de sociale media hadden we beter mee moeten nemen&quot;, aldus Van der Velde.

Verschillende partijen

Door het aantal verschillende partijen werd het helder en betrouwbaar communiceren bemoeilijkt volgens Van der Velden. &quot;Ik had op een gegeven moment te maken met 21 instanties. Dat is veel te veel. We moeten de crisiscommunicatie versimpelen. Dat is de winst van dit rapport.&quot;

Dure les

&quot;Het is een hele dure les&quot;, zegt Van der Velden. &quot;Gelukkig is toen erger voorkomen door goed optreden van de hulpdiensten. Maar we moeten niet vergeten dat het bedrijf zelf steken heeft laten vallen. Dat is een eigen verantwoordelijkheid. Wij moeten concluderen dat we op sommige punten fors moeten verbeteren en daar gaan we nu mee verder.&quot;
Maar de Onderzoeksraad wijt de brand vooral aan nalatigheid van Chemie-Pack zelf, die zich niet aan de vergunningen heeft gehouden en vaten met zeer brandbaar spul met een gasbrander heeft laten ontdooien.

Advocaat

Robert van &#039;t Zelfde is advocaat van Chemie-Pack en vindt de conclusies van de onderzoeksraad voorbarig. &quot;De rechter in Breda buigt zich nu over de vraag wie er verantwoordelijk is voor de brand. Laten we dat oordeel eerst maar afwachten, want daar hecht ik meer waarde aan&quot;, zegt hij. &quot;De onderzoeksraad zegt dat de brand is ontstaan door een gasbrander die in contact is gekomen met chemische stoffen. Een deskundige zegt dat dit helemaal niet kan.&quot;

&#039;Te lang geduurd&#039;

Er is te laks omgesprongen met een bedrijf dat werkt met zulke gevaarlijke stoffen, concludeerde de Onderzoeksraad donderdag. &quot;Wij vinden dat de vergunningverlening aan Chemie-Pack veel te lang heeft geduurd&quot;, zegt de onderzoeksraad. &quot;Het gaat hier om een bedrijf in de hoogste risicocategorie in Nederland waar we er maar vier- of vijfhonderd van hebben&quot;.

Het ontbrak de controlerende instanties aan daadkracht bij een bedrijf dat zich dat niet kan veroorloven. &quot;Natuurlijk zijn er inspectiebezoeken geweest en zijn er boetes opgelegd, maar het waren inspectiebezoeken die van te voren werden aangekondigd. Er zijn een aantal keren boetes opgelegd, maar er is geaarzeld stevig uit de hoek te komen.&quot;

VNCI

De brancheorganisatie van de chemische industrie in Nederland, de VNCI, is het eens met de conclusies van de Onderzoeksraad. &quot;Een incident als bij Chemie-Pack mag niet gebeuren&quot;, zegt Colette Alma, directeur van de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie. &quot;Zowel in de preventie als bij de bestrijding van de brand zijn er door Chemie-Pack fouten gemaakt. Om dit in de toekomst te voorkomen hebben we een 
actieplan
in het leven geroepen. Daarin richten we ons met name op bedrijven die nog niet de hoogste veiligheidsstandaard hebben bereikt. Die moeten nog een verbeterslag maken. En dat moeten de bedrijven die het wel op orde hebben hen leren.&quot;

Verbeterslag

Sinds de brand op 5 januari 2011 heeft de gemeente Moerdijk een inhaalslag gemaakt op het gebied van ‘Media-watching’, zegt huidig burgemeester Jac Klijs. Daarin worden verschillende media in kaart gebracht en welke berichtgeving daarin naar buiten wordt gebracht. &quot;Je ziet dat via social media steeds groter worden en individuen die denken hun kennis over een brand te moeten delen. Daar moeten we alert op zijn. We doen er niets aan, maar kunnen wel door zelf beter te communiceren daarin duidelijker zijn.&quot;

Brandweermannen

Zowel Klijs als Van der Velden zijn opgelucht dat het rapport onderschrijft dat de brandweermannen ter plaatse niet hebben geklungeld. &quot;In de media en door verschillende individuen is geroepen dat ze maar wat aanrommelden&quot;, zegt Klijs. &quot;Dat is nu uit de wereld en daar ben ik wel blij mee.&quot;

Wim Denie

Uit het rapport blijkt dat vooral de communicatie van de overheid naar de burgers en de media blijkt volledig te hebben gefaald. Desgevraagd wilde oud-burgemeester Denie woensdag over zijn rol hierin niet inhoudelijk reageren.

Bron: @ANP</description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Beurs Safety&amp;Fashion@work 2012</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/publicaties-copla/beurs-safetyfashionwork-2012/</link>
                            <description>Kom naar de beurs 
Safety&amp;Fashion@work 2012 
op 18 en 19 april in Ahoy Rotterdam.  Twee dagen lang zijn er demonstraties, kennistheaters met interactieve presentaties en kunt u zelf producten in alle rust uitproberen en testen.

Voor gebruikers, leveranciers en adviseurs is 
Veiligheid
een gezamenlijke inspanning. Daarom is het hoofdthema van de beurs 
Safety&amp;Fashion@work 
2012 
op 18 en 19 april; 
Veilig en herkenbaar samenwerken.


Onze docent en veiligheidskundige Rick van der Heide verzorgt tijdens deze beurs de 
workshop &#039;Juiste PBM kiezen&#039;
.

Na deze workshop weet u wat er voor nodig is om tot een verantwoorde keuze van PBM’s te komen. Op deze manier sluit u uit dat medewerkers door verkeerde keuze in PBM’s in gevaarlijke/ongezonde situaties terecht komen.

Deze workshop is één van de workshops die plaatsvindt in het kennistheater op de beurs.

Schrijf u nu gratis in

Meld u na aan als bezoeker door u in te schrijven op de 
site
met de actiecode VIP-Copla en u ontvangt een e-ticket ter waarde van € 25,- met uw persoonlijke code per e-mail.

Heeft u een LinkedIn account dan kunt u eens een kijkje nemen bij onze 
LinkedIn groep &#039;PBM&#039;s kiezen&#039;
dit is een serieus kennisplatform waar u eventueel aan kunt deelnemen aan de discussies of uw vraag kunt neerleggen op het gebied van PBM.

S&amp;F@work is in Nederland het onafhankelijke vakevenement op het gebied van persoonlijke beschermingsmiddelen, corporate fashion, bedrijfskleding en accessoires dat klant en leverancier bij elkaar brengt.

U bent in één keer op de hoogte van wet- en regelgeving en alle trends en veranderingen rondom actuele producten en diensten. 
Zo weet u precies waaraan u moet voldoen, wat er verkrijgbaar is en welke innovaties eraan komen.





 </description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Sneller hogere boetes bij overtreding regels asbestverwijdering</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/sneller-hogere-boetes-bij-overtreding-regels-asbestverwijdering/</link>
                            <description>De boete voor niet-gecertificeerde asbestbedrijven die de regels voor asbestverwijdering overtreden, is verdubbeld.  De boetebedragen gaan omhoog van 1800 euro naar 3600 euro. De verdubbeling geldt ook als werknemers die niet over de wettelijk vereiste certificaten beschikken bij de asbestverwijdering zijn betrokken. Staatssecretaris De Krom  van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving hiervoor met ingang van 1 januari 2012 gewijzigd. De wijzigingen zijn in de Staatscourant gepubliceerd.

De beleidsregel bepaalt met de wijziging dat een aantal overtredingen op het terrein van de asbestverwijdering door niet-gecertificeerde asbestbedrijven en niet-gecertificeerde werknemers  ernstige overtredingen zijn. Dat maakt het opleggen van hogere boetes mogelijk.

Onjuiste asbestverwijdering zorgt ervoor dat asbestvezels vrijkomen die zich verspreiden door de lucht, op kleding en op apparatuur. Hierdoor lopen niet alleen de werknemers gevaar, maar ook anderen kunnen daardoor met asbest in contact komen. Blootstelling aan asbest kan leiden tot een aantal fatale ziektes.

Staatssecretaris De Krom  onderstreept met de wijziging van de beleidsregel, gezien het gevaar voor de gezondheid,  het belang om bij het verwijderen van asbest te werken met gecertificeerde asbestverwijderingsbedrijven en werknemers die beschikken over de wettelijke certificaten.

Bron: 
Rijksoverheid.nl</description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Rapportage over het melden van beroepsziekten</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/rapportage-over-het-melden-van-beroepsziekten/</link>
                            <description>De mogelijkheden voor werknemers om in contact te komen met een bedrijfsarts zijn afgenomen. Dit is een van de conclusies in een nieuw rapport van het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten. Dit rapport geeft inzicht in de factoren die het melden van beroepsziekten door bedrijfsartsen in Nederland beïnvloeden. Daarvoor zijn meldingsgegevens geanalyseerd en is een onderzoek gehouden onder bedrijfsartsen.

De resultaten zijn te lezen in het  rapport: 
Het melden van beroepsziekten: Weten, willen, kunnen en mogen.



Kort samengevat zijn de conclusies:

•Het relatief stabiele jaarlijkse aantal beroepsziektemeldingen wordt verklaard door een al jaren stijgend aantal meldingen vanuit de bouwnijverheid en een navenant dalend aantal meldingen uit de overige sectoren.

•Bedrijfsartsen onderschrijven de aanwezigheid van omgevingsfactoren die van invloed zijn op het melden van beroepsziekten. Het gaat daarbij zowel om factoren in de directe werkomgeving als om veranderingen die voortvloeien uit wet‐ en regelgeving en de manier waarop de arbodienstverlening georganiseerd is.

•Bedrijfsartsen menen weliswaar dat er door verbetering van de arbeidsomstandigheden mogelijk minder beroepsziekten voorkomen, maar ze vinden ook dat het nog altijd belangrijk is alert te zijn op gezondheidsklachten door werk. Beroepsziekten zijn voor hen een signaal dat er iets niet goed gaat in het werk of het bedrijf.

•Hoewel bedrijfsartsen de veranderingen in de arbodienstverlening wel zien als mogelijk belemmerend voor het opsporen van beroepsziekten, is er relatief weinig steun voor de invoering van een compensatiesysteem of een ‘risque professionel’. Wel menen bedrijfsartsen dat de overheid de wettelijke meldingsplicht beter zou kunnen handhaven.

•De mogelijkheden voor werknemers om in contact te komen met een bedrijfsarts zijn afgenomen. Bedrijfsartsen zien vooral minder werknemers dan tien jaar geleden bij periodiek onderzoek en op het arbeidsomstandigheden spreekuur. De sterke focus op verzuim en re‐integratie, de inzet van casemanagers in de eerste lijn, het verdwijnen van het verplichte AOS en de opkomst van beperkte contracten maken het vooral voor een werknemer die niet verzuimt, moeilijker een bedrijfsarts te bezoeken.

•De belangrijkste stimulans tot melden is de eigen professionele taakopvatting en de (toenemende) kennis van beroepsziekten. Een kleine helft van de bedrijfsartsen vindt dat alleen zij beroepsziekten zouden moeten kunnen melden. De rest ziet ook andere potentiele meldersgroepen, vooral collega‐artsen (huisartsen, medisch specialisten en verzekeringsartsen).

Bron: 
arbozone.nl









 </description>
                    </item>
                        <item>
                            <title>Bedrijf vervolgd voor twee ongevallen</title>
                            <link>http://www.copla.nl/nieuws/copla-nieuws/bedrijf-vervolgd-voor-twee-ongevallen/</link>
                            <description>Het Openbaar Ministerie in Breda vervolgt een constructiebedrijf uit Esbeek voor twee ernstige ongevallen in 2009 en 2011. Door de ongelukken kwam een bouwvakker om leven en raakte een ander ernstig gewond.

Het fatale ongeluk gebeurde op 23 september 2009 tijdens de bouw van een rundveestal in Hulst (Zeeland).
Het slachtoffer kwam om het leven nadat een betonnen wand omviel.

Vorig jaar werd op een bouwplaats in Waalwijk een 29-jarige bouwvakker geëlektrocuteerd omdat de kabel aan een telescoopkraan tegen een hoogspanningsdraad waaide terwijl de man tegen de kraan leunde. De werknemer overleefde het ongeluk maar raakte ernstig gewond.
Het Openbaar Ministerie beschuldigt het bedrijf van nalatigheid.

Bron: 
Arboonline.nl



 </description>
                    </item>
    	</channel>
</rss>
